Definitie en kenmerken

Net als elke andere organisatie, heeft een administratie of overheidsorganisatie financiële middelen nodig om te kunnen werken.

Al die middelen moeten in een begroting opgenomen worden. De administraties en overheidsorganisaties formuleren een begrotingsvoorstel volgens de richtlijnen van de Minister van Begroting. Op basis daarvan legt de Minister van Begroting, in naam van de regering, de begroting voor aan het Parlement. Het Parlement dient elk jaar de begroting goed te keuren voor het daaropvolgende jaar. 

In overeenstemming met de Belgische staatsstructuur, gebeurt dit op alle beleidsniveaus: naast de federale begroting, bestaan er dus ook begrotingen op het niveau van de gemeenschappen, de gewesten, de provincies en de steden en de gemeenten.

Maar wat is de definitie van een begroting? En welke zijn de kenmerken ervan? 

Definitie

Een begroting is een akte waarin de verwachte en toegelaten ontvangsten en uitgaven van de Staat zijn opgenomen.

Ter herinnering: in België kan deze definitie worden toegepast op de begrotingen van de federale overheid, de gemeenschappen, de gewesten, de provincies en de steden en de gemeenten. 

Een begroting is meer dan een raming van ontvangsten en uitgaven, omdat ze aangeeft welke middelen de regering wil besteden aan haar beleid tijdens het betreffende begrotingsjaar. Het is dus een akte met een politieke en sociaal-economische draagwijdte.   

De stemming van de begroting door de wetgevende macht, houdt in feite een goedkeuring in van het beleid van de uitvoerende macht, en geeft die laatste de middelen om dat beleid uit te voeren. Voor de federale begroting is het dus de Kamer van Volksvertegenwoordigers die haar goedkeuring moet geven. 

De begroting van de federale Staat omvat drie onderdelen: de middelenbegroting, de algemene uitgavenbegroting en de algemene toelichting. 

De voornaamste kenmerken van de federale begroting

  • De begroting is een formele wet

De begroting neemt de vorm aan van een wet.  

Toch is zij geen echte materiële wet: zij bevat immers geen permanente normatieve bepalingen waaruit rechten en verplichtingen ontstaan voor juridische personen en is van nature slechts geldig voor één jaar.  

Aangezien de ontwerpbegrotingswetten geen reglementair karakter hebben, worden ze niet ter advies voorgelegd aan de afdeling wetgeving van de Raad van State. 

Ondanks deze verschillen, is de begrotingswet grotendeels aan dezelfde parlementaire procedure onderworpen als een gewone wet.  

  • De begroting is een essentieel beleids- en beheersinstrument

Zij is de financiële vertaling van wat de regering wenst te realiseren binnen elk van haar bevoegdheidsdomeinen.  

Het komt de regering, bijgestaan door haar administratie, toe de begroting voor te bereiden en uit te voeren en verantwoording af te leggen tegenover de wetgevende macht.  

Door de begroting aan te nemen geeft het Parlement de regering machtiging om belastingen te heffen en, dankzij de aldus bekomen financiële middelen, het beleid te voeren dat ze heeft vastgelegd in haar regeerverklaring.  

Elke weigering om de begroting goed te keuren, belet de regering om haar beleid te concretiseren. 

Bij het ontbreken van een tijdige goedkeuring van de begroting, wordt de continuïteit van de administraties en overheidsorganisaties gegarandeerd door het systeem van de voorlopige kredieten.  

  • De begroting somt de verschillende bronnen op van de ontvangsten van de Staat, alsook de bijhorende geraamde bedragen 

Bovendien geeft ze de regering de mogelijkheid en de opdracht om belastingen te heffen. Ook krijgt ze de toelating om leningen af te sluiten.  

  • De begroting voorziet in de uitgaven die de regering mag verrichten met eerbiediging van het specialiteitsprincipe

Dit houdt onder meer in dat de kredieten niet kunnen worden aangewend voor een ander begrotingsprogramma dan datgene waaraan ze zijn toegekend (kwalitatief aspect) en dat de goedgekeurde bedragen niet mogen worden overschreden (kwantitatief aspect).  

Hierbij dient onmiddellijk vermeld te worden dat de goedkeuring van een krediet de overheid niet verplicht de uitgave in kwestie te verrichten, ook al hebben sommige uitgaven een dwingend karakter. Typisch gaat het hier om de dotaties aan federale instellingen.   

  • De begroting is gebaseerd op het eenheidsprincipe

De eenheidsregel vereist dat alle ontvangsten en alle uitgaven van de Staat in één enkel document worden opgenomen en tegelijkertijd ter goedkeuring worden voorgelegd aan de begrotingsoverheid. Er mag slechts één enkele Staatsbegroting bestaan. 

Dit principe maakt het mogelijk om de ontvangsten en uitgaven met elkaar te vergelijken, net als de kredieten bestemd voor de diverse beleidsdomeinen, want de volledige begroting is opgenomen in één enkel document. Ze vormt dus een vergelijkende lijst waardoor het mogelijk is te oordelen zowel over het evenwicht van de overheidsfinanciën als over de kwaliteit van de staatsuitgaven.     

  • De begroting is onderworpen aan het universaliteitsprincipe

Krachtens dit principe moeten alle ontvangsten en uitgaven opgenomen worden in de begrotingswet. Elke uitgave en elke ontvangst is een aparte handeling die erin vermeld moet worden. Dit in tegenstelling tot een nettobegroting die enkel het nettobedrag opneemt van de berekening tussen de gelinkte uitgaven en ontvangsten. 

  • De begroting is jaarlijks

De inhoud van “jaarlijks” is tweeledig: zij wordt elk jaar goedgekeurd en is slechts gedurende een jaar van kracht.  

Meer informatie :