Hoe lees je een begrotingstabel ?

De federale begroting is een wet waarmee de Kamer van Volksvertegenwoordigers jaarlijks de geplande staatsuitgaven en alle noodzakelijke ontvangsten om deze te betalen voorziet en toestaat. In de praktijk echter worden de ontvangsten en uitgaven opgenomen in twee afzonderlijke begrotingswetten, namelijk de middelenbegroting voor de ontvangsten en de algemene uitgavenbegroting voor de uitgaven.

Deze twee begrotingen worden op dezelfde manier gestructureerd. Ze nemen de wettelijke bepalingen en de respectievelijke krediettabellen op. De parlementaire documenten bevatten eveneens verantwoordingen en eventueel een aantal specifieke bijlagen.

Tabel van de middelenbegroting

In de tabel van de middelenbegroting worden enkel de ontvangsten vermeld die aan de middelenbegroting ten goede komen. Worden bijgevolg uitgesloten: de ontvangsten die door de Staat worden geïnd, maar die:

  • aan de Europese Unie worden afgestaan, zoals alle invoerrechten (douane) en een percentage van de btw;
  • aan de gemeenschappen en gewesten worden afgestaan;
  • rechtstreeks aan de gewesten als eigen middelen toekomen;
  • aan de "alternatieve" financiering van de sociale zekerheid worden toegewezen.

Uittreksel uit het Belgisch Staatsblad van 28 december 2017

Bron: http://www.ejustice.just.fgov.be/eli/loi/2017/12/22/2017014325/justel

 

Kolom 1 en 8:  de voorziene ontvangsten zijn verdeeld:

per titel:

  • titel I: lopende ontvangsten (zoals geïllustreerd in het voorbeeld);
  • titel II: kapitaalontvangsten
  • titel III: opbrengsten van leningen

per sectie:

  • sectie 1 : fiscale ontvangsten (zoals geïllustreerd in het voorbeeld)
  • sectie 2: niet-fiscale ontvangsten

per hoofdstuk:

  • De fiscale ontvangsten worden bovendien samengevoegd per administratie die belast is met de invordering ervan (in het voorbeeld, hoofdstuk 18: FOD Financiën - §1 Administratie der directe belastingen).

Kolom 2: de begrotingsartikelen van de ontvangsten volgens de economische classificatie .

Kolom 3:  een bijkomende onderverdeling wanneer de codificering van kolom 2 niet volstaat. Het is namelijk mogelijk dat er voor bepaalde ontvangstenartikels een uitsplitsing met een hoger detailniveau aangewezen is.

Kolom 4: (A voor affectées (F), T voor toegewezen (Nl)) maakt het mogelijk om een onderscheid te maken tussen de artikels waarvan de ontvangsten zijn toegewezen aan bepaalde uitgaven in de algemene uitgavenbegroting. De bestemming van deze toewijzing wordt dan vermeld in de omschrijving van het artikel dat in kolom 1 staat.

Kolom 5 : voorgestelde ramingen: het gaat om een raming van de ontvangsten van het volgende jaar. Enerzijds de niet-toegewezen ontvangsten, d.w.z. de ontvangsten die bedoeld zijn om alle uitgaven van de Staat zonder onderscheid te dekken (krachtens het beginsel van de niet-affectatie van de ontvangsten) en anderzijds de ontvangsten toegewezen aan begrotingsfondsen opgericht door een organieke wet, waarvan het luik "uitgaven" het voorwerp uitmaakt van variabele kredieten die zijn ingeschreven in de algemene uitgavenbegroting. 

Kolom 6: vermoedelijke ontvangsten: raming van de ontvangsten van het lopende jaar. Deze ramingen zijn nauwkeuriger  omdat ze rekening houden met  de reeds uitgevoerde ontvangsten.

Kolom 7: verwezenlijkte ontvangsten: ontvangsten die het voorgaande jaar daadwerkelijk werden gerealiseerd. Het gaat hier dus niet langer om een raming, maar om reële cijfers.

 

Tabellen van de algemene uitgavenbegroting 

In het kader van de algemene uitgavenbegroting verschillen de tabellen naargelang van het type organisatie.

Uittreksel uit het Belgisch Staatsblad van 28 december 2017

Bron: http://www.ejustice.just.fgov.be/eli/wet/2017/12/22/2017031994/staatsblad

Hierboven staat een uittreksel uit een algemene uitgaventabel van de departementale sectie "25 FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu". Dit is een organisatie van het type "dienst van algemeen bestuur", dat alle FOD's en POD's groepeert.

Wat de diensten van algemeen bestuur betreft, wordt de algemene uitgavenbegroting gestructureerd volgens organisatieafdelingen, programma's, activiteiten en basisallocaties (kolom 1 of 9).

  • Organisatieafdeling (code 01 tot 99): grote afdeling binnen een departementale organisatie (bijvoorbeeld een directoraat-generaal). In de tabel is de organisatieafdeling de 51.
     
  • Programma (code 0 tot 9): geheel van activiteiten die bijdragen tot de verwezenlijking van een gegeven doelstelling binnen elke organisatieafdeling. De toestemming van de wetgever om uitgaven te verrichten situeert zich op het niveau van de programma's. In het voorbeeld ziet men 2 programma's.

Er bestaan 2 soorten programma's:

  • Bestaansmiddelenprogramma (code 0): bevat alle personeels-, werkings- en uitrustingskosten van een organisatieafdeling.
  • Activiteitenprogramma (code 1 tot 9): bevat alle kosten die specifiek zijn voor een gegeven doelstelling, met uitzondering van de uitgaven die reeds zijn opgenomen in het bestaansmiddelenprogramma.
     
  • Activiteit (code 1 tot 9): verrichting waaraan budgettaire middelen zijn toegewezen en die, gescheiden of gegroepeerd, helpt om de doelstelling van het activiteitenprogramma te realiseren. Deze activiteiten kunnen een van de permanente opdrachten van de organisatieafdeling zijn of een occasionele opdracht die aan deze afdeling wordt toevertrouwd. In het voorbeeld worden er 3 soorten activiteiten vermeld.
     
  • Basisallocaties: deze vormen de uitsplitsing van de kredieten voor de activiteiten volgens de economische classificatie (ESR) en de uitgaven worden hierop geboekt. In het voorbeeld vind je er verschillende.

In kolom (2) is de structuur van de kredieten vast en bevat ze verschillende onderverdelingen:

  • OA: organisatieafdeling, in het voorbeeld: OA 51 – DG1-Gezondheidszorgvoorzieningen;
  • PA: programma en activiteit, in het voorbeeld: 0 Bestaansmiddelenprogramma en activiteit 2 Werkingskosten;
  • BA: basisallocatie, in het voorbeeld: 12.11.01 Aankoop van niet-duurzame roerende goederen en diensten

Kolom (3) vermeldt de kredietsoort (ks):

  • lim: "gewone” (limitatieve) kredieten
  • fon: variabele kredieten van de organieke fondsen
  • tot: het totaal, te weten de som van de 2 kredietsoorten

De kolom "Initiële kredieten" (4) bevat de vastleggingskredieten (met een witte achtergrond) en de vereffeningskredieten (met een grijze achtergrond) die gevraagd werden in het betrokken begrotingsjaar (n). Het gaat om de uitgaven die door de Kamer van Volksvertegenwoordigers zijn gestemd. In ons voorbeeld bedraagt het vastleggingskrediet van de basisallocatie 25/51.02.12.11.01 – Aankoop van niet-duurzame roerende goederen en diensten - 450 duizend euro in de initiële begroting 2018.

De kolom "Aangepaste kredieten" (5) bevat, ter informatie, de aangepaste vastleggings- en vereffeningskredieten voor het voorgaande begrotingsjaar (n-1) die resulteren uit de herverdelingen van basisallocaties en de bij koninklijk besluit getransfereerde of verdeelde kredieten.

De kolom "Realisaties" (6) bevat de realisaties (werkelijk verrichte uitgaven) van het begrotingsjaar vóór het voorgaande begrotingsjaar (n-2). Deze cijfers vormen ook een bron van informatie en maken het mogelijk om de ramingen van de huidige begroting te vergelijken met de werkelijke cijfers van de voorgaande jaren.

Kolom (7) bevat een aantal soorten uitgaven volgens de CRIP-code :

  • C: internationale bijdragen
  • R: uitgaven die volledig worden beschouwd als wetenschappelijk onderzoek of als wetenschappelijk dienstbetoon
  • I: uitgaven die volledig worden beschouwd als overheidsinvestering
  • P: transfer (geheel of gedeeltelijk) naar een  "parastataal" .

Kolom (8) vermeldt de nuttigheid van een uitgave op het vlak van gender (G):

  • 0: niet meegedeelde informatie
  • 1: uitgaven die geen genderdimensie hebben
  • 2: uitgaven met betrekking tot acties om de gelijkheid van vrouw en man te bewerkstelligen
  • 3: uitgaven die een genderdimensie hebben.

Andere soorten tabellen 

In de algemene uitgavenbegroting vindt men, naast de tabellen van de diensten van algemeen bestuur (tabel 1), ook de volgende tabellen :

Tabel 2 - Raming van de middelen van de organieke begrotingsfondsen:

Deze tabel bevat de saldi van de begrotingsfondsen van de verschillende departementen.

 

Tabel 3 – Terugbetalings- en toewijzingsfondsen:

Het gaat om de evaluatie van de verrichtingen gedaan op de terugbetalings- en toewijzingsfondsen die respectievelijk bedoeld zijn in artikelen 63 en 7 van de wet van 22 mei 2003:

Tabel 4 - Begrotingen van de administratieve diensten met boekhoudkundige autonomie:

Deze tabel bevat, in toepassing van artikel 79 van de wet van 22 mei 2003, de begrotingen van de administratieve diensten met boekhoudkundige autonomie die door de Kamer van Volksvertegenwoordigers zijn goedgekeurd.

Tabel 5 - Begrotingen van de administratieve openbare instellingen met ministerieel beheer:

De goedkeuring van de begroting van de administratieve openbare instellingen met ministerieel beheer door de Kamer van Volksvertegenwoordigers, in toepassing van artikel 87, §1 van de wet van 22 mei 2003, wordt verkregen door de stemming van de wettelijke bepaling van het wetsontwerp dat de hen betreffende algemene uitgavenbegroting bevat. Deze tabel bevat de begroting van deze instellingen.

Overeenkomstig artikel 87, §2 van de wet van 22 mei 2003 worden de begrotingen van de administratieve openbare instellingen met beheersautonomie aan de Kamer van Volksvertegenwoordigers bezorgd als bijlage bij de verantwoordingen van de algemene uitgavenbegroting.  Ze vormen een afzonderlijke parlementaire bundel.

Meer informatie: